Boekentip: De 5 kindconclusies – Lisette Schuitema

Als klein kind heb je dingen meegemaakt en op je eigen manier geïnterpreteerd. Hieruit ontstaan (onbewuste) conclusies die jou de rest van je leven blijven sturen. Je kunt je voorstellen dat de conclusie ‘ik ben niet goed genoeg’, of ‘ik mag nooit meer verliezen’ je leven niet prettiger maken. Je kindconclusies herkennen en ontmantelen kan je leven een stuk relaxter maken.

Boek: De vijf kindconclusies, Lisette Schuitema

De invloed van de kindconclusies

Loop je vast? Heb je last van patronen waar je niet uitkomt? Dat komt dan waarschijnlijk door een conclusie uit je kindertijd die nu sterk beïnvloedt hoe jij denkt, handelt en je voelt. Lisette Schuitemaker legt de meest voorkomende kindconcusies uit in haar boek ‘De vijf kindconclusies.’ Schuitemaker wijdt de conclusies aan ervaringen in de kindertijd. Er is natuurlijk altijd een wisselwerking tussen aanleg en ervaringen. Zo is onzekerheid, gevoeligheid en bangigheid bij een groot deel van de mensen aangeboren. Ervaringen en opvoeding kunnen het versterken of afzwakken. En je kunt ook bang, onzeker of gevoelig zijn geworden door ervaringen, terwijl je niet de aanleg hebt. Dit neemt niet weg dat de conclusies van Schuitemaker voor iedereen herkenbaar zijn en zo ook de negatieve invloed die ze op je leven kunnen hebben. Haar methode om de conclusies en negatieve invloed te herkennen en ontmantelen is dan ook welkom voor veel mensen.

De kindconclusies niet zwart-wit zien

Lees de kindconclusies niet te zwart-wit. Als ‘ik moet winnen’ je kindconclusie is, kan dit ervoor zorgen dat je te hard je best doet, soms ten koste van jezelf of anderen; maar het zal je ook veel goeds brengen, zoals doorzettingsvermogen. Dit geldt voor alle kindconclusies, ze hebben niet alleen een negatieve invloed, maar  ook een positieve invloed. Je zult jezelf in meerdere conclusies herkenen, maar ze komen nooit helemaal overeen met hoe ze bij jou zijn. Het gaat erom de conclusies te herkennen die bij jou het sterkst aanwezig zijn. De meeste mensen hebben in ieder geval één van de eerste twee kindconclusies, een aantal mensen heeft beide. Conclusie 3, 4, en/of 5 komen er vaak nog bij.

Kindconclusie 1: Ik ben niet welkom

Ik ben niet welkom, ik hoor er niet echt bij, ik hoor hier niet, ik ben anders dan de rest; dat is wat mensen met deze kindconclusie onbewust denken. Mensen met deze conclusie hebben in hun prille kindertijd iets meegemaakt wat ze als vijandig hebben ervaren. Als je deze kindconclusie hebt, ben je dromerig, je hangt als het ware vaak boven de wereld, je neemt niet helemaal deel. In je hoofd creëer je een mooiere wereld. Het is voor anderen ook wat lastig echt contact met je te krijgen. Als er iets gebeurt dat je niet prettig vindt, kun je ofwel mentaal en emotioneel afhaken of je voelt je superieur. Je hebt geen sterk zelfbeeld en bent vaak wat angstig, maar je bent ook fijngevoelig, perfectionistisch, creatief en hebt een sterke intuïtie. Als het je lukt om je plek in te nemen, ben je origineel, inspirerend en sensitief.

Kindconclusie 2: Er is niet genoeg, ik ben niet (goed) genoeg

Ouders kunnen nooit volledig voldoen aan alle behoeften van hun kind. Een groot aantal mensen heeft hierdoor onbewust geconcludeerd: er is niet genoeg en ik ben ook niet genoeg. Dit laatst omdat kinderen nu eenmaal veel op zichzelf betrekken. Hieruit vloeien twee ‘types’ voort: het type dat altijd meer wil, meer vraagt en het type dat niemand nodig heeft. Het eerste type heeft weinig zelfvertrouwen, zoekt veel bevestiging en aandacht en heeft weinig geduld. Type 2 vindt het ongemakkelijk of zelfs eng om van anderen afhankelijk te zijn. Zijn zelfstandigheid is eigenlijk een vorm van afsluiting. Beide typen zijn vaak onderhoudend, gastvrij, nieuwsgierig en interessant. En het zijn harde werkers, ze doen hun best. Maar ze blijven altijd een gevoel van tekort houden, zij doen niet genoeg, er is niet genoeg, ze zijn niet goed genoeg. Ook kunnen zij zich benadeeld door anderen voelen en hun eigen bijdrage overwaarderen. Ze zullen niet snel vragen om iets, hulp of wat dan ook.

Kindconclusie 3: Jij je zin, ik houd mij wel koest

Mensen met deze conclusie zijn als kind in een situatie geweest waarbij er iets zeer tegen hun zin gebeurde. Hun ‘nee’ werd niet gerespecteerd en dat gaf ze een gevoel van machteloosheid. Omdat ze afhankelijk waren, hebben ze het geslikt. En dat doen ze nog steeds. Dit zijn mensen die vaak ‘ja’ zeggen en nee’ doen. Je weet niet zo goed waar je aan toe bent met deze mensen. Er is vaak sprake van passief verzet, ze zeggen niet dat ze iets niet willen, maar werken ook niet mee, of zelfs tegen. Ze relativeren veel, hun gevoelens, vervelende gebeurtenissen; het valt allemaal wel mee. En dan ineens kan het teveel worden en staat hun gezicht op onweer of ontsteken ze in woede, wat ze zelf vreselijk vinden. Ze kunnen blijven aarzelen en moeilijk tot keuzes komen, laten vaak anderen bepalen. Ze zijn vaak diep van binnen een beetje bang en boos. Sterk is hun inlevingsvermogen en betrokkenheid bij de wereld en bij de zwakkeren in de samenleving. Ze maken graag anderen gelukkig. Ook hebben ze vaak veel humor en kunnen ze mensen verbinden. Hun grote uitdaging is om de opgekropte woede van jaren te uiten, door iets lichamelijks te doen, zoals wandelen of boksen. Zo komt er ruimte om te voelen wie jij bent en wat jij wilt.

Kindconclusie 4: Ik mag nooit meer verliezen

Het verlies van een droom, geschonden vertrouwen en een gebroken hart liggen aan de basis van deze kindconclusie. Deze mensen denken in termen van winnen of verliezen en willen zelf natuurlijk vooral het eerste. Ze zijn vaak dominant, wat gespannen, maar ook charmant. Ze staan steeds op scherp. Ze voelen zich nooit echt veilig, tenzij ze zelf voor hun gevoel volledig in controle zijn. Op anderen kun je je niet verlaten. Ze zijn competitief en schoppen het vaak ver. Ze zijn ook wat manipulatief en hard. Niet bang, een beetje brutaal, ze gaan zover ze kunnen, geregeld over grenzen van anderen (en de wet). Ze maken snel vrienden, houden van gezelschap en zijn gangmakers. Ze zijn eraan gewend dat ze altijd een beetje gespannen zijn, kunnen moeilijk de touwtjes laten vieren. Ze hebben vaak het gevoel dat anderen hen in de weg zitten, bijvoorbeeld in het verkeer. Hun grote uitdaging is om de strijd te staken met alles en iedereen en te ontspannen.

Kindconclusie 5: Ik moet mij gedragen

Deze conclusie trekken kinderen die per ongeluk een ongeschreven regel hebben overtreden en enorm zijn geschrokken van de correctie van een volwassen persoon. Ze maken voor zichzelf strenge regels waaraan ze zich trouw houden. Dit maakt ze niet erg authentiek. Ze weten wat gewaardeerd wordt en laten het gedrag zien dat sociaal wenselijk is. Ze proberen dus ook niet te zeuren, zelfs als het leven tegen zit. Ze zijn vaak vriendelijk, belangstellend, beleefd en tactisch. Een goede gastheer of gastvrouw. Maar niet erg flexibel, dat is het enige wat op hen aan te merken is. Ze nemen het leven behoorlijk serieus, hebben vaak innovatieve ideeën. Ze zijn kritisch en streng voor zichzelf en leggen ook de lat voor anderen hoog. Ze zijn om door een ringetje te halen en kunnen in allerlei kringen bewegen. Maar ze voelen een afstand tot het leven en zien bij anderen een gevoelsleven dat ze zelf niet kennen. Ze hebben hun eigenheid als het ware in de koelkast gezet. Ze zijn gevoelig voor kritiek. Hun uitdaging is hun spontaniteit terugvinden en hun eigen waarheid te leven.

Hoe ontmantel je je kindconclusies?

In haar boek ‘De 5 kindconclusies’ legt Schuitemaker dit uit per kindconclusie. Het gaat te ver dit nu zo gedetailleerd te bespreken, maar er is wel een algemene lijn te ontdekken in de aanpak die zij adviseert. Je kindconclusie kennen is de eerste stap. De tweede stap is bewuster worden van wat er in je omgaat van moment tot moment. Op de momenten dat je negatieve emoties voelt – irritatie, onzekerheid, boosheid, enzovoort – kun je er vanuit gaan dat een van je kindconclusies geraakt is. Veel mensen zijn gewend om de oorzaak van een nare emotie buiten zichzelf te zoeken. Maar wat buiten je gebeurt is slechts de aanleiding. De ware oorzaak ligt in je. Dit betekent niet dat je niets met de buitenwereld hoeft op zo’n moment, misschien is het verstandig een grens aan te geven of iets te bespreken. Maar als je minder diep geraakt wilt worden, constructief wilt reageren op de buitenwereld, is het wijs ook te kijken welke kindconclusie geraakt wordt.

Het gevoel dat de kindconclusie geeft bewust ervaren

Bij het herkennen en begrijpen van wat er in jou gebeurt, blijft het niet in de aanpak van Schuitemaker. Het gaat er ook om het ‘geraakt zijn’, het diepe gevoel dat bij de kindconclusie komt kijken, toe te laten en te voelen. Om te voorkomen dat je door de emotie overweldigd wordt, adviseert Schuitemaker als het ware een schaal te visualiseren onder de plek waar je de emotie in je lichaam voelt, meestal in je torso, je buik of hartstreek. Deze laatste toevoeging vind ik waardevol. Sommige diepe gevoelens kun je niet wegkrijgen door anders naar de situatie of jezelf te kijken. Die gevoelens blijven en kunnen (onbewust) een negatieve invloed op jou hebben. Dat gebeurt niet meer als je ze het gevoel er gewoon laat zijn, er met je aandacht naartoe gaat. Niet om erin te blijven hangen, maar om het even zorgzame aandacht te geven, voor je weer verder gaat.

Kanttekening bij de aanpak van de 5 kindconclusies

Schuitemaker besteed in haar boek weinig aandacht aan het ‘zien’ van het geraakt worden in een kindconclusie op het moment dat dit zich voordoet. Wij zijn ons van zoveel in onszelf niet bewust. Als we geraakt worden, hebben we vaak al volgens een oud patroon gereageerd voor we het beseffen. Het vergt veel oefening om a la moment je kindconclusies te herkennen. Je zult een groter bewustzijn moeten ontwikkelen, als je er echt iets mee wilt doen. Dat kan bijvoorbeeld door mindfulness te beoefenen. Als je daar geen tijd voor hebt, of geen heil in ziet, en je wilt toch iets doen, dan kun je geregeld tijd nemen om terug te kijken en ervaringen waarbij je geraakt werd te herbeleven en dan alsnog de stappen van Schuitemaker te doorlopen.

De 5 kindconclusies op een rij

  1. Ik hoor er niet bij, ik ben niet welkom
  2. Ik ben niet goed (genoeg), er is niet genoeg
  3. Ik moet mij koest houden, anderen hun zin geven
  4. Ik mag niet verliezen, ik moet controle hebben, winnen
  5. Ik moet mij gedragen, aan ongeschreven regels houden

De stappen

  1. Ken je kindconclusies
  2. Herken dat je in een kindconclusie geraakt wordt
  3. Ga er niet over nadenken, maar laat het gevoel toe en visualiseer daarbij een schaal onder je emotie